Samen maken we olifolie exploitatie-vrij

Het probleem

Voor veel boeren loont het niet om goede olijfolie te produceren. Zelfs met lage kosten en zonder de natuur te sparen, kunnen de meeste olijfboeren nauwelijks overleven. In feite wordt de gemiddelde olijfboer economisch uitgebuit, hier onder onze ogen in Europa. Is het dan verrassend dat olijvenboeren in een armoedeval terechtkomen en illegaal werken, dat hun kinderen naar het noorden vluchten en dat olijfgaarden worden verwaarloosd en in vlammen opgaan?

In 2012 heeft de Europese Commissie een studie gepubliceerd over de economische situatie van olijfboerderijen. De studie analyseert olijfgaarden in Italië, Spanje en Griekenland; de grootste olijfolieproducenten in Europa goed voor minstens 2/3 van de olijfolie ter wereld. De resultaten zijn schokkend. De helft van de bedrijven heeft een jaarinkomen van minder dan € 10.000 per voltijds meewerkend gezinslid; een kwart verdient zelfs minder dan € 5.000; ... en dat zelfs na ontvangst van EU-subsidies.

 

De meeste boerderijen zijn kleine bedrijven waarin slechts 1 tot 17% van de werknemers geen familieleden zijn. Ongeveer 50% van de totale kosten van olijfolie is toe te schrijven aan de inzet van familie. Als dat werk verricht zou worden door externe landarbeiders tegen lokaal tarief en met sociale bijdragen, zou het gemiddelde netto-inkomen van landbouwbedrijven zelfs negatief zijn ... en dat gedurende vele jaren en zelfs met EU-steun (EU-studie, tabel 1, pagina 8).

Experts zijn het erover eens: "Een echte Italiaanse extra vergine olijfolie heeft hogere productiekosten dan € 6." Dat is het absolute minimum voor een liter conventionele Extra Vergine rechtstreeks van de olijvenpers. In sommige regio's en op hellingen zijn deze kosten snel een factor twee of zelfs vier hoger (Dossier Olivenöl, 2015, p. 72). Mogelijk komen er kosten bij voor biologische en duurzame productie. Nadat de olijfolie is gebotteld, getest, geëtiketteerd, verpakt, gecertificeerd, geadverteerd, verzonden en verkocht, ligt de kostprijs nog eens vele malen hoger.

 

Een groothandelsprijs voor Extra Vergine varieert daarentegen van slechts € 3 in Spanje en Griekenland tot ongeveer € 4,5 in Italië (EVOO, 2013-2018) en is vaak zelfs lager. EU-subsidies maken de verliezen niet goed. "Een olijfboer maakt zijn olie alleen voor zo weinig geld, omdat hij geen alternatieven heeft. Achter de lage prijzen liggen bedrijfsmatige ellende en wanhoop verborgen, voorbodes van desolate olijfgaarden."

Met ander woorden, de gemiddelde olijfboer en zijn familie worden economisch uitgebuit. Over het geheel genomen ligt het gemiddelde inkomen van olijfgaarden 33% tot 51% onder het nationale gemiddelde van de landbouw. En de trend is weinig hoopgevend. Dit EU-onderzoek en andere EU-rapporten concluderen dat “de economische situatie van olijfboerderijen in de loop der jaren aanzienlijk is verslechterd."

 

Prijsdruk heeft ook een direct ecologisch effect. Conventionele olijventeelt is vaak zuiniger, maar kan leiden tot meer bodemerosie, verontreiniging van het grondwater (met insecticiden, herbiciden en pesticiden) en een algeheel verhoogde toxiciteit voor mens en milieu. Organische landbouw biedt daarentegen 30% meer biodiversiteit, minder broeikasgassen (40% minder N2O) en meer koolstofopslag in de bodem. Biologische olijfolie is een "koolstof-negatief product". De biologische olijventeelt speelt dus een belangrijke rol met 34% van het areaal van alle permanente biologische gewassen.

Het probleem dat boeren nauwelijks van hun land kunnen leven, is niet nieuw. Niet voor niets bestaan er fairtrade certificaten voor geïmporteerd voedsel uit achterstandsgebieden, b.v. voor koffie uit Zuid-Amerika. Maar er zijn geen fairtrade certificaten voor olijfolie uit het zuiden van de EU, hoewel veel gezinnen daar geen eerlijke prijzen krijgen. Sommigen denken dat landbouwsubsidies van de EU dit corrigeren, maar dat is niet het geval. Het wordt hoog tijd dat fair trade ook hier in Europa wordt toegepast.

Exploitatie? Hoe is dat zo gekomen?

Helaas is het voor de consument moeilijk om echt goede van slechte extra vergine olijfolie te onderscheiden. Zo’n markt kan in een neerwaartse spiraal terechtkomen als leveranciers van betere kwaliteit worden verdrongen door goedkope en vervalste goederen. (In 2001 ontving George Akerlof de Nobelprijs voor dit inzicht.) De slachtoffers van deze neerwaartse spiraal zijn uiteindelijk degenen die voor de eeuwenoude olijfbomen zorgen en daarvan moeten leven.

De markt voor olijfolie is wat de Amerikaanse econoom George Akerlof omschreef als een "markt voor citroenen". Bij onzekerheid over de productkwaliteit is er geen prikkel voor klanten om hogere prijzen te betalen, omdat ze moeten aannemen dat ze producten van mindere kwaliteit kopen (zogenaamde 'citroenen'). Het gevolg is een neerwaartse spiraal van prijzen en kwaliteit tot aan marktfalen toe.

 

Hoe staat het nu met olijfolie? Welnu, in 2018 kondigde Pierluigi Tosato, toenmalig directeur van de Spaanse wereldwijde marktleider Deoleo (met merken zoals Bertolli, Carapelli en Carbonell) luid en duidelijk aan: "Olijfolie is een gebroken bedrijfsmodel. We moeten het veranderen." Hij klaagde over een gebrek aan consumentenvertrouwen, mogelijk vanwege eerdere beschuldigingen en boetes, en beschreef vervolgens wat een 'markt voor citroenen' is: "Boeren hebben geen prikkel om olijfolie van hoge kwaliteit te produceren, of andersom, ze zijn gestimuleerd om de kwaliteit te verlagen. "

Een symptoom van marktfalen is criminele activiteit en fraude, zoals sjoemelen met olijfolie en valse etikettering. Het internet staat er vol mee. Hieronder een paar links voor de geïnteresseerde lezer:

Een andere indicatie van marktfalen is ‘Big Oil’, met andere woorden veel macht van voor enkele spelers op de olijfoliemarkt. "In Spanje hebben enkele grote groepen het grootste deel van de olijfoliemarkt in handen. (...) In Italië is (...) de industrie zeer geconcentreerd, terwijl de grote bottelaars bijna de helft van de olijfoliemarkt beheersen (80% van de binnenlandse consumptie). " Er zijn miljoenen olijftelers en miljarden klanten, maar "de extra Vergine-markt wordt gedomineerd door de grote marketeers. Kwaliteitsolieën maken weinig kans door overweldigende en oneerlijke concurrentie." (Dossier Olivenöl. 2015. p.35)

Het is ingewikkeld, maar termen als "Extra Vergine", "Cold Pressed" en "First Press" zijn geen garantie voor kwaliteit. Er bestaan verschillende methoden voor het beter kunnen vaststellen van de echtheid van goede olijfolie, maar volgens deskundigen voldoet "tenminste 95 procent van de zogenaamde" extra vierge "eigenlijk niet aan de wettelijke (sensorische) vereisten." (Dossier Olive Oil, 2015. pp. 29-30) Zelfs erkende instellingen zoals Stiftung Warentest, een Duitse consumentenorganisatie, worden zwaar bekritiseerd in hun beoordelingen van olijfolie "Extra Vergine".

 

Een goede en frisse olijfolie ruikt fruitig en smaakt aangenaam peperig en bitter (in pure vorm, niet zozeer in een gerecht). Dit zijn tekenen van frisheid en polyfenolen (antioxidanten). Olijfolie degradeert na verloop van tijd en de smaak wordt ‘plat’. Daarom hebben velen nog nooit goede olijfolie geproefd en zijn ze vaak verrast als ze dat wel doen. "Je kunt al dan niet dol zijn op de bittere en scherpe tonen van een verse olijfolie, maar het zijn absoluut goede indicatoren van de gezondheid van een olie!" (Dossier Olivenöl, 2015, p.82)

il circolo: de weg naar exploitatie-vrije olijfolie

Gelukkig zijn er manieren om uit de neerwaartse spiraal te komen. il circolo heeft zichzelf tot doel gesteld om de exploitatie op de olijfoliemarkt te beëindigen, samen met uw hulp. Hoe willen we dat bereiken? il circolo ziet zichzelf als een ‘sociale onderneming’ en wil de olijfoliebusiness van binnenuit veranderen. We hebben een gedurfde weg uitgestippeld voor olijfolie van hoge kwaliteit zonder mensen of de natuur uit te buiten.

Het circulaire idee van il circolo betekent dat winst allereerst terugvloeit naar de oorsprong, ten behoeve van het welzijn van de lokale mensen, hun omgeving en hun toekomst. Ons doel is niet om de winst te maximaliseren, maar om il circolo sociaal en duurzaam te beheren. Elk jaar zetten we kleine en grote stappen die ons dichter bij onze doelen brengen. Het zal niet gemakkelijk zijn en we zijn net begonnen, maar samen gaat het lukken. Onze ‘roadmap’ is gebaseerd op drie pijlers:

il circolo wil ervoor zorgen dat de consumenten zich bewust zijn van de uitbuiting en ongelijkheid in de olijfolie-industrie. Hoe meer liefhebbers van olijfolie en detailhandelaren exploitatie-vrije olijfolie eisen, hoe meer tussenpersonen en grote bedrijven zullen luisteren en gedwongen worden hun inkoop- en verkoopbeleid te wijzigen. Hoe meer mensen op de hoogte zijn van de neerwaartse spiraal in deze industrie, des te meer mensen zullen deelnemen aan onze missie om exploitatie-vrije olijfolie de standaard in de industrie te maken.

We willen dat iedereen in onze keten tevreden is, van de rooier en de snoeier tot u. We willen laten zien dat hoogwaardige, gezonde en exploitatie-vrije olijfolie kan bestaan; hiervoor moeten we (ook) economisch succesvol zijn. Om dit te bereiken, hebben we drie cycli gedefinieerd waaraan moet worden voldaan om geloofwaardige en traceerbare olijfolie te produceren.

 

Sociale cyclus:

il circolo bestrijdt sociale uitbuiting. Daarom betalen we de "Tony's premie" voor onze olijfolieproductie. Dat houdt in dat we een prijs betalen die ruim boven de huidige marktprijzen ligt. Deze premie wordt elk jaar opnieuw berekend, afhankelijk van de regio en de huidige marktprijzen. De premie is geen doel op zich, maar financiert duurzame landbouw met een eerlijk loon zonder zwart werken. Medewerkers ontvangen een officieel salaris met sociale bijdragen, verzekeringen en de ontwikkeling van pensioenrechten. Dit is niet altijd gebruikelijk op olijfboerderijen ... integendeel, voor sommige mensen is dit zelfs de eerste keer.

 

Milieu cyclus:

il circolo vecht tegen de exploitatie van de natuur. Zo hebben we een biologische certificaat van de EU; al onze boerderijgebouwen zijn off-the-grid en werken op zonne-energie. En we proberen zoveel mogelijk accu’s en zonne-energie te gebruiken voor landbouwmachines. Landbouw produceert meer broeikasgassen dan de som van alle transportvoertuigen bij elkaar en bodem-emissies dragen aanzienlijk bij aan deze emissies. Maar met goed beheer is olijfolie een CO2-negatief product. We experimenteren daarom met verschillende "carbon farming" -methoden, zoals het voorkomen van verbranding van snoeiafval, minimaal gebruik van ploegen en meer bodembedekking tussen de bomen. Met behulp van ‘Tony's premie’ zullen andere boeren deze kennis ook kunnen toepassen in hun olijventeelt.

 

Transparantie cyclus:

Nobelprijswinnaar George Akerlof heeft een oplossing voor de "markten voor citroenen" laten zien: transparantie. Bij il circolo worden alle betalingen uitgewisseld met e-facturering via de centrale "Sistema di Interscambio" en indien nodig bekendgemaakt. Een ander element van transparantie is het traceren van elke liter olijfolie naar de oorspronkelijke olijfgaard. We hebben geen grote tanks met gemengde olie van twijfelachtige oorsprong. Voor elke il circolo-fles geeft onze website specifiek aan welke olijven het bevat en waar ze zijn geteeld. Door deze traceerbaarheid kan de klant vertrouwen op een superieure kwaliteit en kan het ontstaan ​​van een "markt voor citroenen" en een neerwaartse spiraal worden voorkomen.

Samen komen we verder. Daarom investeren we actief in langdurige relaties met partners die onze visie delen. Ons doel is om zoveel mogelijk olijfboerderijen te ondersteunen met ‘Tony's premie’, niet alleen in exploitatie-vrije productie, maar ook in de verkoop. We moedigen andere actoren aan om actie te ondernemen, onderzoeken nieuwe bevindingen in de olijventeelt met wetenschappers en delen wat we hebben geleerd. Samen proberen we de druk op de industrie te vergroten om van exploitatie-vrije olijfolie een algemeen erkende standaard te maken.

 

Andere boeren betrekken

We benaderen andere boeren actief en ondersteunen hen bij de implementatie van de drie cycli van il circolo: de sociale, ecologische en transparante productie van olijfolie. Het omschakelen van conventionele naar biologische landbouw kan drie jaar duren. Daarbij is er veel te professionaliseren op het land, in de marketing en in de administratie, inclusief een transparante boekhouding. Doordat ze uitzicht hebben op ‘Tony's premie’ zijn deze stappen zinvol voor de boeren. 

 

Innovatieve oplossingen ontwikkelen

Hoe kunnen we ‘carbon farming’ in olijfboomgaarden verbeteren? Welke biologische landbouwmethoden zijn bij uitstek geschikt voor olijven? De teelt van de olijfboom is duizenden jaren oud ... en toch staat hij voor enorme, moderne uitdagingen. il circolo experimenteert met verschillende methoden van biologische landbouw. Leden van il circolo zijn betrokken bij multidisciplinaire onderzoeksprojecten over “food fairness”, maar ook bij projecten over “river basin ecosystems” en de rol van olijventeelt. We delen al onze bevindingen.

 

Certificering

Zelfs al kon het, dan nog zou het niet cool zijn om overal olijfolie in te kopen met ‘Tony's premie’. Dat is niet schaalbaar en het ruikt naar Big Oil. Helaas is er in de EU geen certificering voor de productie en handel van olijfolie tegen eerlijke prijzen, b.v. van Fairtrade, Rainforest Alliance of Utz. We willen dat veranderen. Ons doel op middellange termijn is om samen met il circolo-partners een certificeringsprogramma voor kwalitatieve, exploitatie-vrije olijfolie op te zetten.

Werkt dit echt?

Is dit realistisch? Okay, we geven toe dat ‘onze roadmap’ in een andere sector bestaat … en zeer succesvol wordt gebruikt namelijk in de chocoladeproductie in de strijd tegen de uitbuiting van kinderen op cacaoplantages.

Ons lichtende voorbeeld is Tony's Chocolonely, die de chocolademarkt in Nederland revolutionair heeft veranderd met een vergelijkbare roadmap. Dertien jaar geleden produceerde Tony's de eerste 5.000 chocoladerepen zonder exploitatie (en slaaf). Tegenwoordig is Tony's de grootste leverancier van chocoladerepen in Nederland, met uitbreiding naar andere landen in het verschiet, die Big Choco flink laat zweten.

Als erkenning voor Tony's Chocolonely hebben we onze premie voor olijfolie "Tony's Premium" genoemd. Go, Tony's, Go! We hopen dat Tony's premies binnenkort worden betaald door veel olijfolieleveranciers. Niet alleen door ons.

We zijn kritisch over onze eigen inspanningen. We zullen fouten maken en ervan leren. Het belangrijkste is dat we onszelf blijven uitdagen om meer ‘impact’ te maken voor een wereld met exploitatie-vrije olijfolie.

We hebben je nodig

Samen kunnen we alle olijfolie exploitatie-vrij maken. We ondersteunen alle exploitatie-vrije olie, ongeacht waar deze vandaan komt. Hoe meer mensen kiezen voor exploitatie-vrije olijfolie, hoe eerder ‘exploitatie-vrij’ de norm wordt in de olijfoliebranche. Pas dan is de cirkel rond.

Wat je kunt doen

  • Deel ons verhaal.
  • Deel onze olijfolie: koop een fles voor jezelf en geef er een aan een vriend.
  • Sluit je aan en word een vriend van il circolo.
  • Het belangrijkste is: koop alleen olijfolie waarvan je weet dat het is gemaakt zonder uitbuiting van mens en natuur.